Yogamat

Ze voerde haar yogamat mee in een boodschappenmandje dat ze vooraan aan haar fietsstuur had vastgebonden. Maar op de bruuske bult waar het fietspad uitkwam op het kruispunt, vloog het yogamatje met een schok omhoog en belandde op de rijbaan. Ze stalde haar fiets aan de rand van de weg, maar veel te haastig, zodat hij omviel. Ze hoorde het gekletter toen ze al een paar passen verwijderd was; ze leek te aarzelen maar liep toch nog achter haar matje aan, dat tegen de middenberm was gerold. Waarschijnlijk was ze in paniek omdat het elk moment weer groen kon worden voor het wachtende verkeer, en daardoor waren haar bewegingen ongecontroleerd. Terwijl ze greep naar haar matje, gaf ze het ongewild een schop. Het werd naar de andere rijstrook gekatapulteerd, waar het tussen de wielen van een rijdende vrachtwagen terecht kwam. Nadat die gepasseerd was, kon ze het stuiterende matje wel grijpen, maar het was deerlijk toegetakeld. Niet wetend wat te doen bleef ze zo even staan, op de smalle middenberm, temidden van het verkeer dat intussen ook in de andere richting aanstormde, en dus moest uitwijken voor haar gevallen fiets. Ze hield het matje in haar hand, maar keek ernaar alsof ze het nog het liefst in een sierlijke, definitieve boog achter zich wou smijten. Een auto claxonneerde. Misschien om te waarschuwen voor het obstakel van haar fiets, misschien om het meisje dat duidelijk ontredderd was een hart onder de riem te steken.